Jouw trainer voor persoonlijke groei in je zakelijke gesprekken

U bent hier

Gedragsverandering hoeft niet altijd lang te duren

“Het lijkt wel of we keer op keer in hetzelfde cirkeltje ronddraaien. Ik neem me steeds voor om het anders te doen, en steeds ben ik na afloop kwaad op mezelf: heb ik mezelf wéér niet stevig neergezet. Waarom lukt me dat toch niet bij hem?”

Wendy (38 jaar) heeft een paar maanden geleden een nieuwe baan gekregen als adviseur. De sollicitatie was vlot verlopen. De baan was haar op het lijf geschreven. Ze was vol enthousiasme aan de slag gegaan. Ze had haar plek snel gevonden. Collega’s waren (en zijn nog steeds) enthousiast over haar bijdrage aan het team. Ze kent haar klanten inmiddels. Bijna alles klopt in de nieuwe baan.

In gesprekken met haar directeur echter, valt ze stil. Hij zet zijn professionele mening stevig neer en neemt veel ruimte in tijdens de gesprekken. Wendy stelde zich in de eerste weken wat afwachtend op in de gesprekken met hem. Eerst dacht ze dat dat kwam omdat ze nieuw was, maar gaandeweg merkt ze dat ze nog steeds moeite heeft om vrijuit te spreken. Ze aarzelt, spreekt haar mening niet vrij uit zoals ze dat bij haar collega’s doet. Ze krijgt het niet voor elkaar om haar afwachtende houding te veranderen naar haar ‘stevige professionele zelf.’ Het lijkt wel of ze een beetje ‘gevangen’ zit in haar reactie naar haar directeur. Ze weet dat dit haar plezier in het werk in de weg zal staan als dit zo blijft.

“Ik baal ervan. Ik ben zenuwachtig voor de gesprekken met hem, dat heb ik niet vaak. Ik neem me voor om het anders te doen, en ben teleurgesteld in mezelf als dat niet lukt. Ik weet dat ik mezelf en mijn professionele mening stevig kan neerzetten, maar op een of andere manier komt alles wat ik kan bij hem niet uit de verf. Hoe verander ik dat?”

Wendy had dus twee vragen:

  • Waarom lukt het me niet om me competent te voelen in gesprekken met mijn directeur?
  • Hoe verander ik de interactie met mijn directeur als ik met hem praat?

Waarom lukt het niet?
Wendy is boos op zichzelf als het ‘weer niet gelukt is’. Hoewel de frustratie begrijpelijk is, spelen er een aantal mechanismes.

  1. Allereerst wordt ze in een overtuiging belemmerd, die voor haar in de loop van de tijd waar is geworden: “Zie je wel, het lukt me niet bij deze directeur om mezelf stevig neer te zetten.” Daardoor gaat haar focus naar wat er niet werkt, in plaats van naar strategieën die ze normaliter succesvol inzet.
  2. Wanneer je ergens tot over je oren in zit, is het soms lastig om objectief te kijken. Een beetje zoals de spreekwoordelijke goudvis die niet boven het water uit kan kijken, omdat hij onder water leeft. Soms heb je dus een ander nodig, om te kunnen zien, waar jij zelf niet toe in staat bent. Dat is menselijk, dat overkomt iedereen wel eens.
  3. Het kan lijken alsof de fout bij de ander ligt, omdat datgene dat jou in je andere gesprekken helpt, niet werkt in de interactie met deze persoon. Wendy had die gedachte ook overwogen, maar kwam tot de conclusie dat haar directeur een hele geschikte man was, die eigenlijk niks verkeerd deed. Dat maakte haar frustratie groter: “Als het niet aan hem ligt, en ik weet niet wat ik anders moet doen, hoe kom ik er dan uit?”
  4. Als je er zelf niet uit komt, is het slim om iemand te vragen met je mee te kijken. Bijvoorbeeld een collega, een coach, in intervisie, of in een training. Die ander kan iets toevoegen dat jij niet ziet. Die ander kan jou verhelderende vragen stellen, jou helpen een ‘blinde vlek’ zichtbaar te maken.
  5. Regelmatig merk ik dat mensen hun aandacht richten op de inhoud van de werkgesprekken: de argumenten waarop ze in onenigheid belanden met de ander. Terwijl het heel vruchtbaar kan zijn om de aandacht te richten op wat er gebeurt in de interactie met de ander. Datgene dat juist niet wordt uitgesproken in een gesprek. Wendy had dat door: “Ik val stil in zijn buurt, ik doe iets anders dan anders en mijn gebruikelijke strategieën werken hier niet.”

Wendy wilde antwoord op deze vragen “Hoe verander ik de interactie als ik met mijn directeur praat? Wat kan ik doen om ook in die situatie stevig in mijn schoenen te staan?“
Ze zette, met mijn ondersteuning, 7 stappen:

  1. Ze maakte pas op de plaats en beschreef heel nauwkeurig hoe de interactie met haar directeur verliep, nu, op dit moment.
  2. Ze beschreef gedetailleerd haar wens-beeld: hoe ziet de interactie met de directeur eruit als het je gelukt is om dit om te buigen?
  3. In een oefensessie (met trainingsactrice Tet van der Donk in de rol van directeur) onderzocht ze haar communicatie in die. Zowel woordkeus, als wat niet werd uitgesproken. Ze kreeg feedback wat werkte en wat er beter kon. Daardoor kreeg zij zicht op haar blinde vlek.
  4. Ze probeerde een aantal dingen uit in het gesprek met haar ‘directeur’ waar ze normaliter niet aan zou denken. Ze ontdekte welk effect dat had op de interactie en op het contact tussen hen.
  5. Ze oefende het gesprek totdat ze tevreden was met het resultaat (zeven of acht verschillende versies van het zelfde gesprek) door steeds iets toe te voegen of te veranderen.
  6. Ze reflecteerde op de handvatten dat ze kreeg. Ze koos de strategie waarvan ze verwachtte dat die het grootste verschil zou maken en die haar het beste was bevallen.  
  7. We spraken af dat zij opnieuw een gesprek zou voeren met haar directeur op het werk en dat we daarna zouden terugkijken hoe het was gegaan.
     

Wanneer we elkaar twee weken na de training weer spreken is ze trots en tevreden. Maar ook een beetje verbaasd hoe goed het is gegaan. Op mijn vraag waar ze zichzelf een compliment over mag geven zegt ze: “Dat ik het ben aangegaan. En dat het me is gelukt om zelf een andere dynamiek in gang te zetten in het gesprek.”

Het gesprek was redelijk goed gegaan. Het lukte haar grotendeels om te zeggen wat ze zich had voorgenomen. Ze had zich goed voorbereid en had haar tips onder handbereik. Op een gegeven moment verviel ze in haar oude patroon, maar wist zich met behulp van haar voorbereide strategie te herstellen. Ze werden het op een aantal onderwerpen eens en hadden een stevige discussie op een knelpunt waar ze zich eerder niet over durfde uitspreken.

Het is dan vijf weken na onze eerste telefonische kennismaking. Ze verzucht dat ze er aanvankelijk best tegenop zag, dat ze het spannend vond om in een training twee paar ogen op haar gericht te hebben (trainingsactrice Tet en trainer Jacqueline). Ze wist dat ze ‘met de billen bloot’ ging om te onderzoeken hoe ze dit kon veranderen. Het was haar de inzet, de energie en de investering waard geweest. “Anders had ik misschien wel binnen een half jaar weer een nieuwe baan willen zoeken. Nu heb ik bevestigd gekregen dat ik op deze plek goed tot mijn recht kom.”

 

Heb jij ook zo’n situatie waar je hulp bij wilt?
Bel me gerust voor een vrijblijvende kennismaking: 06-41527835
Een persoonlijke kennismaking inplannen via een bericht kan ook.

Je kunt hier meer lezen over de trainingen van Samen in gesprek gaan

Hartelijke groet, Jacqueline

Jacqueline van't Spijker"Ik ben Jacqueline van ’t Spijker, jouw trainer bij ‘vastlopers’ in je communicatie.
Ik ben ervan overtuigd dat contact de beste basis is om samenwerking met anderen soepel te laten verlopen. Goed contact beklijft omdat het je raakt, omdat je je dan gezien en gehoord voelt. Ik ben er ook van overtuigd dat in goed contact nagenoeg alles bespreekbaar is. En dat ook jij het in je hebt, om in die gesprekken, waarin jij jouw 'vastloper' ervaart, succes te behalen. Wil je daar hulp bij? Wil je onderzoeken of ik je daarbij kan helpen? Dan is bellen het snelst: 06-41527835. Ik maak graag vrijblijvend tijd voor je!"

Vond je dit artikel interessant? Wil je mijn artikelen automatisch eens per maand in je mailbox ontvangen, dan kun je je hier abonneren Een hele hartelijke groet, Jacqueline

 

Reactie toevoegen